Rechters en Advocaten

Jeugdstrafrecht

Ben je nog geen twaalf en heb je een strafbaar feit begaan? Dan heb je geluk. Kinderen tot twaalf jaar kunnen niet strafrechtelijk vervolgd worden. Natuurlijk kan de politie wel kinderen onder de twaalf die iets hebben uitgevreten, oppakken en verhoren. Zo’n verhoor op het politiebureau mag maximaal zes uur duren. Daarna moeten ze die kinderen weer vrijlaten. Dat wordt anders als je twaalf jaar bent of ouder. Tot achttien jaar geldt het jeugdstrafrecht. Dan kun je wel worden vervolgd als je een strafbaar feit hebt gepleegd. Als je schuldig bent aan een strafbaar feit dat niet zo ernstig is (bijvoorbeeld vandalisme), bestaat de mogelijkheid om de fout weer ‘goed te maken’ zonder tussenkomst van de officier van justitie.

Dat gebeurt via Halt. Je krijgt van Halt een Halt-straf waarin je gesprekken voert, leeropdrachten maakt en excuses aanbiedt. Wanneer je met de Halt-straf instemt en je aan alle afspraken houdt, wordt er geen proces-verbaal naar de officier van justitie gestuurd en komt er dus ook geen registratie bij het ministerie. Als de Halt-straf mislukt, kan de officier van justitie je alsnog vervolgen. Ook voor zwaardere strafbare feiten worden jongeren tussen twaalf en achttien vervolgd. In dat geval mag de politie, als de officier van justitie dat nodig vindt, je na de eerste zes uur nog maximaal zes keer 24 uur vasthouden. In verzekeringsstelling heet dat. Dan zit je op het politiebureau in een cel en je wordt verhoord in een verhoorkamer.

In ernstige gevallen kan er daarna om bewaring worden gevraagd. Als de rechter daartoe beslist, zit je nog langer opgesloten. Alles bij elkaar kun je, vóórdat je zaak in de rechtbank wordt behandeld, meer dan honderd dagen in voorlopige hechtenis zitten. Natuurlijk moeten daar grondige redenen voor zijn. En steeds zijn er momenten waarop de rechter bepaalt of dat wel of niet nodig is. Je verhuist dan van het politiebureau naar een penitentiaire inrichting voor jeugdigen. Simpeler gezegd, naar een jeugdgevangenis.

Het kan ook zijn dat de officier al eerder vindt dat je naar huis mag, of je een zogenaamde transactie voorstelt. Dan moet je een boete betalen. In ruil daarvoor komt de zaak niet bij de kinderrechter. Of je komt ervan af met een waarschuwing en de plicht om de schade die je hebt veroorzaakt, te vergoeden. De officier van justitie bepaalt of je voor de kinderrechter moet komen. Bij de soort straf en de hoogte van de straf wordt sterk rekening gehouden met de belangen van de jongere. Als je een first offender bent, iemand die voor het eerst terechtstaat, is dat in je voordeel. Maar als je al eens eerder bent veroordeeld, wordt je harder aangepakt.

Kinderrechters leggen het liefst een alternatieve straf op. Een straf waar je wat van leert, zodat je in de toekomst geen rottigheid meer uithaalt. Uit onderzoek is gebleken dat vrijheidsstraffen voor jongeren niet erg leerzaam zijn. Een werkstraf heeft meer effect. Dan moet je voor een bepaald aantal uren onbetaald werk doen. Of een leerstraf: dan moet je een cursus volgen om eens stevig aan jezelf te werken. Wanneer je die alternatieve straf niet uitvoert, kun je alsnog achter de tralies terechtkomen. Dat kan ook als het feit te erg is en je geen spijt hebt. Of als je na een werkstraf weer in de fout gaat.

Voor jongeren van twaalf tot zestien is de vrijheidsstraf maximaal één jaar, voor jongeren van zestien tot achttien maximaal twee jaar. Als je een gevaar bent voor de maatschappij en als deskundigen het beter vinden, kun je maximaal vier jaar krijgen. En als je niet goed bij je hoofd bent, moet je door een psychiater worden behandeld voor maximaal zes jaar. Als je achttien bent, dus meerderjarig, word je gewoon beschouwd als ieder ander volwassen mens. En wanneer je dan ontspoort, wordt je nog steviger aangepakt dan in het jeugdstrafrecht.